Over hulpeloosheid en Fake News

Hulpeloosheid, machteloosheid. Vaak zijn we ons er niet eens van bewust. In situaties waarin we ons machteloos voelden, staan we nauwelijks stil bij het gevoel zelf, maar zijn we gewend gelijk verklaringen te zoeken. Verklaringen die leiden tot het vinden van een schuldige. Daar komt het door…!

Soms is de aanleiding waarom we ons hulpeloos voelen heel duidelijk, zoals een instortende brug in Italië of beschietingen op onschuldige demonstranten in Nicaragua.
Maar de reacties erop laten zien hoe een dergelijke situatie al snel een grootschalig conflict kan worden dat uit de hand kan lopen. Het begint met beschuldigingen, dan komt de tegenreactie, de emoties lopen op waarbij iedereen naar elkaar wijst, de berichtgeving totaal uiteenloopt en uiteindelijk niemand meer weet wat nog waar is of niet. Is alle informatie die je krijgt nu Fake News of niet? Het roept op zich weer het gevoel van hulpeloosheid en machteloosheid op en … Een vicieuze cirkel waarin we gevangen zitten.

Tot we ons eigen aandeel kunnen zien.
Ons eigen aandeel hoe we beginnen met beschuldigen en uiteindelijk hulpeloos moeten toezien hoe het zo kan ontaarden in dreigen, tot aan grof geweld toe…

Er waren tijden dat onze waarheid zo vanzelfsprekend was dat er geen twijfel mogelijk was. Of leek te zijn. We zaten in ons eigen waarheidsbubbel. We werden soms weliswaar geconfronteerd met andere politieke waarheden, maar dan was het duidelijk dat de andere partij het niet goed zag. De wereld was simpel en overzichtelijk.

Het interessante van de wereld nu – en tegelijk ook het beangstigende – is dat niet alleen de conflicten heftiger worden, gewelddadiger en dichterbij komen, maar ook, vooral… dat onze eigen waarheid soms op losse schroeven komt te staan. De waarheid waar we politiek voor staan, of voor hebben gestaan. Het vertrouwen dat we hadden in een maatschappelijke of politieke beweging of in een leider.

Het confronteert ons met… ja, steeds meer opnieuw machteloosheid en hulpeloosheid. Ook door het Fake News. Want wie of wat kunnen we dan nog wel vertrouwen? En wie zijn we nog als onze waarheid zo onderuit wordt gehaald en verkracht: alsof onze waarheid ‘ook maar een mening is’ en ter zijde wordt geschoven. Als we er niet meer toe doen!

De reactiepatronen hierop zijn legio. Verontwaardiging, woede, het vingerwijzen, de escalatie…
Reactiepatronen waarvan de gevolgen soms vele malen erger zijn dan de oorspronkelijke aanleiding. Het wordt een voorspelbare actie-reactie, het vijanddenken neemt steeds sterkere vormen aan, het fake news brengt steeds meer verwarring…  en uiteindelijk hopen we op een sterke vader, die het voor ons oplost omdat we er zelf niet meer uitkomen. Want wij kunnen het niet. De hulpeloosheid, de machteloosheid…

Tot we het kunnen zien. De logica ervan.
Eerst is er de directe aanleiding die machteloosheid en hulpeloosheid oproept waar we overheen walsen door onze sterke reactiepatronen zoals het beschuldigen, etc. Dan…  Natuurlijk mag en moet die eerste aanleiding, zoals het geweld in Nicaragua tegen onschuldige burgers, en de onzorgvuldigheid in de bouw in Italië, aan de kaak gesteld worden. Maar ook kunnen we opmerken dat de gevolgen van de sterke reacties erop, soms vele malen erger zijn dan de oorspronkelijke aanleiding.

Tot we kunnen zien dat we eenvoudigweg niet hebben geleerd om te gaan met onze machteloosheid en hulpeloosheid. Terwijl, als we er gewoon even met aandacht bij blijven, er iets met het gevoel gebeurt. Dat het gewoon verdwijnt. Nieuwe inzichten opkomen. Zelfs binnen een uur of minder. En er ruimte komt voor andere oplossingen dan het beschuldigen en schieten op elkaar, letterlijk en figuurlijk.

Hoe zou het zijn als we kinderen al vroeg zouden leren hoe met hun hulpeloosheid en machteloosheid om te gaan? Hoe zou het zijn als we het zelf zouden leren hanteren?
Hoe? Lees mijn boeken. Of neem eens een sessie.

www.sylvia-i-saakes.com

Hoe trauma’s onze persoonlijkheid worden

Ken je dat ook, dat mensen afgeven op een ander?
Je ziet het veel in de politiek, maar ook in werksituaties, in vrijwilligerswerk en helaas ook in persoonlijke relaties. Je komt het overal wel tegen. Wantrouwen naar de ander, oordeel, misprijzen, smalend doen, de ander afvallen…  Er zijn legio voorbeelden te geven waarbij de ander minder wordt gemaakt, niet serieus wordt genomen en het respect voor die ander ver te zoeken is.

Zijn het bepaalde mensen die zo met anderen omgaan? Moet je er een bepaalde persoonlijkheid voor hebben? En, zo ja, hoe komt dat zo? Zouden die mensen dat van huis hebben meegekregen? Zitten ze vast in een bepaalde zienswijze of ideologie waardoor ze die houding rechtvaardigen? Of zijn die mensen misschien getraumatiseerd?  Al deze verklaringen zijn mogelijk. Het kan zijn dat ze niet anders weten. Dat ze zich er niet eens bewust van zijn. Soms is het iets dat mensen onbewust hebben opgepikt, van huis uit of in de politiek of een bepaalde werksituatie.  Niet iedereen leert thuis hoe je op een vriendelijke en respectvolle wijze met de ander kan omgaan en in de politiek of het werk lijkt, onafhankelijk van sociale klasse of opleiding in sommige situaties, het ‘survival of the fittest’ instinct naar boven te komen. Het is erop of eronder. Jij of de ander. Bij sommigen is dat zo’n vanzelfsprekende strategie, dat het hun persoonlijkheid is geworden.

“OK, maar hoezo deze titel: hoe trauma’s onze persoonlijkheid worden?”. Het is bepaald niet leuk als mensen zich zo uitleven op een ander, maar of dat nou een trauma is?      Formeel is een trauma alleen als er een Posttraumatische Stress Stoornis (PTSS) is gediagnosticeerd. Dat zijn heftige symptomen, het is niet zomaar iets, het zet je hele gewone leven op zijn kop. In het dagelijks leven daarentegen wordt voor veel minder al gezegd dat iets ‘traumatisch’ is. En “Ach, die houding van anderen afvallen, het wantrouwen, het misprijzen…  zo zijn mensen nu eenmaal”.

Je kunt het ook anders zien. Dat die misprijzende manieren van op anderen afreageren, reactiepatronen zijn, overlevingsstrategieën. Die ooit zijn ontstaan als reactie op schrik, pijn en gekwetstheid, bij ons, of onze opvoeders. Zonder dat we ons dat direct bewust zijn. Het afgeven op de ander is dan een soort harnas geworden, een beschermingsmechanisme, het van je af te bijten, een manier om mensen op afstand van je te houden, om niet meer gekwetst te worden. Het is je persoonlijkheid geworden. Gebaseerd op ooit een trauma, in het klein of in het groot.

De bewustzijnsmethoden die de afgelopen vijftig jaar zijn ontwikkeld, laten mensen weer in contact komen met hun zuiverheid, met respect en waardigheid, waarbij de gekwetstheid dan vaak vanzelf in het bewustzijn komt. Dan wordt heel zichtbaar hoe je je vaak identificeert met die persoonlijkheid, hoe vanzelfsprekend die reactiepatronen zijn op anderen. Van vele zijn we ons niet eens bewust. Zo ‘zijn’ we nu eenmaal. Maar als je die persoonlijkheid, die overlevingsstrategieen, gaat doorzien, in jezelf en bij anderen, dan schept dat wel veel helderheid.

In de pers, in de media komt vaak de vraag naar boven waarom de burger de politiek niet meer steunt, waarom mensen er zoveel burnouts zijn op het werk, en waarom zoveel vechtscheidingen. Het antwoord is misschien simpeler dan gedacht. Als de sfeer niet goed is. Als er geen vriendelijkheid is, geen ondersteuning, geen vertrouwen. Als mensen zich aangevallen voelen, elkaar de maat wordt genomen, niet gezien worden, wat vervolgens hoger oploopt. Dan heeft dat tot gevolg dat mensen afhaken, of conflicten escaleren.

Soms is het er wel. Het samenwerken, de openheid, het vanzelfsprekende vertrouwen. Dat is waar mensen zich thuis voelen. De laatste 25 jaar heb ik veel in groepen mogen zijn waarin het respect, de waardigheid en innerlijke zuiverheid gezocht werd. Waarbij de mildheid aanwezig was naar onszelf, en naar de ander, als we weer even een scheve schaats rijden. Het bewustzijn erover maakt dat we elkaar kunnen opvangen. Dan komt mijn dankbaarheid weer naar boven voor de mooie methoden die zijn ontwikkeld, om die persoonlijkheid, die zo vernietigend kan zijn naar de ander, te leren loslaten. Methoden van vriendelijkheid, openheid, onvoorwaardelijke aandacht en liefde die je direct kunt ervaren. Ze zijn helend.

Lees meer: www.sylvia-i-saakes.com

Hoe trauma’s een ‘cultuur’ worden…

Opeens sloeg de vlam in de pan, april 2018 in Nicaragua!    Verbijstering alom, in Nicaragua zelf en onder de Nederlanders die Nicaragua goed kennen.
Na de eerste periode van ontzetting en heftige reacties aan vele kanten, komen nu de verklaringen, de toelichtingen, de pogingen het te begrijpen. Over het ontbreken van een luisterend oor naar de bevolking, over de top-down bestuurscultuur en opnieuw, hoe er ook na 200 jaar onafhankelijkheid van Spanje nog steeds geen geciviliseerde politieke cultuur bestaat, noch democratische leiders zijn opgestaan.

Een crisis brengt veel aan het licht. Het rakelt alle politieke, economische, sociale tegenstellingen op en trekt vele registers open van emoties die mensen in zich hebben: niet alleen woede, verdriet, haat, angst, maar ook grote onrust, onzekerheid, wanhoop, machteloosheid. Overlevingsstrategieën schieten omhoog zoals vechten of vluchten of verlamd raken, maar ook komen onverwachte zaken naar boven. Zoals moed, helderheid, verbondenheid. Daar zit overigens een logica in*.

In alle analyses over Nicaragua, van toen en nu, is er iets dat steeds opvalt: dat wat ontbreekt is inzicht en erkenning wat de invloed van psychotrauma’s is. Hoe de politiek mensen kan traumatiseren en welke invloed een getraumatiseerde bevolking heeft op de politiek.
Pas toen ik zelf een PTSS doormaakte realiseerde ik me met terugwerkende kracht hoe veel van ‘de cultuur’ van Nicaragua kenmerken vertoont van een PTSS, een Posttraumatische stressstoornis. De heftig oplaaiende gevoelens van woede en haat, afgewisseld met donkere perioden van moedeloosheid en onverschilligheid, het wantrouwen, het vijanddenken. Maar ook het zwart/wit denken, het beschuldigen (projecteren), het zijn alle uitingen van ontreddering en strategieën om met diepe wanhoop, emoties en grote onzekerheid om te gaan. Zonder dat we in de gaten hebben dat deze op zich, weer grote onzekerheid en instabiliteit veroorzaken.

Op uitnodiging van het Centro Antonio Valdivieso gaf ik in 2004 een training ‘Trauma en Ontwikkeling’ van drie dagen aan psychologen uit Nicaragua, Costa Rica, Argentinië en Mexico. De bottom-up methoden die ik hier bracht waren vernieuwend, maar verder hoefde het voor de deelnemers geen betoog dat trauma’s de cultuur in Latijns-Amerika geheel beïnvloeden. Dat was heel duidelijk. Voor hen. Voor mij.
Het was daarom goed te lezen dat Minister Sigrid Kaag onlangs in een interview in de Volkskrant zei: “We beginnen een Mental Health programma. De geestelijke gezondheidszorg wordt nu heel erg vergeten”. (VK 29 mei 218). Eindelijk, ik slaakte een zucht van verlichting. Eindelijk wordt het gezien. Want trauma’s worden niet gezien. Je moet ze ook leren herkennen. Zeker als een geheel volk is getraumatiseerd wordt dat niet herkend. Als je er middenin zit, dan wordt het een cultuur die voor iedereen langzamerhand normaal is geworden. ‘Asi somos, los Nicas!’ (‘Zo zijn we nu eenmaal’) is de standaardreactie, veelal gepaard gaande met een brede glimlach. Zoals ook El Gueguense een overlevingsstrategie is die tot cultuur is verworden. El Gueguense is het Nicaraguaanse volksepos over de Indianen tegen de onderdrukking van de Spanjaarden, waarin zij de Spanjaarden steeds voor de gek houden, hun ware gevoelens verborgen houden en vooral zeggen wat ze denken dat jij wilt horen.

Ik gaf traumatrainingen niet alleen aan Nederlanders in o.s. organisaties, maar ook aan migranten uit Rwanda, Burundi en Congo. Steeds is het voor de deelnemers een eyeopener meer over trauma’s te weten. Zoveel onvermogen om samen te werken, het wordt begrijpelijk als je meer over trauma’s weet. Altijd weer ontstaat er mildheid in de groepen, begrip en spijt, omdat deelnemers met terugwerkende kracht kunnen zien hoe ze zelf zijn omgegaan met hun onmacht, hoe ze afwijzend hebben gereageerd op hun familieleden en kunnen ze hun vaak onverbiddelijke opstelling in de politiek en maatschappij. Door het te zien in jezelf, kun je het herkennen in de ander. Dit inzicht maakt dat ze iets los van komen van de of-of houding, van de inflexibiliteit, dat er meer ruimte ontstaat en meer mogelijkheden zichtbaar worden.

Het is er ongemerkt ingeslopen, hele bevolkingen zijn langzamerhand terecht gekomen in zeer onveilige en angstige situaties, al vele generaties lang. Steeds weer laaien bij iedere nieuwe generatie weer min of meer dezelfde conflicten op. Steeds weer is er zoveel geweld, komen ze uit op dezelfde patstelling en moedeloosheid en machteloosheid. Het is logisch. Ouders brengen bewust of onbewust hun gevoelens, hun heftige emoties en machteloosheid over op de jongeren, zonder dat ook zij hebben geleerd hoe ermee om te gaan.
In het onderwijs, in opleidingen, we leren van alles en leren anderen over van alles. Behalve over hoe om te gaan met deze diepste gevoelens van onmacht en heftige emoties. Terwijl er inmiddels zoveel mooie, bottom-up methoden zijn ontwikkeld die al met eenvoudige technieken zoveel effect kunnen sorteren. Waardoor mensen kunnen leren omgaan met heftige gevoelens zonder volautomatisch in de bekende actie-reactie situaties terecht te komen die vooral tot dezelfde vicieuze cirkel leiden. Het zijn eenvoudige technieken die je zelf kunt toepassen, samen of in een groep. Waarin je elkaar kunt ondersteunen en de spiegel kunt voorhouden.

Het tijdschrift Vice Versa publiceerde in 2005 mijn artikel: ‘Trauma’s, doe er wat mee!’** Een aanvullend deel van het artikel werd geplaatst als webversie waarin het verslag staat van het onderzoek dat ik deed naar wat o.s. organisaties op het gebied van trauma’s doen.
Daarin zei Teyo van der Schoot (HIVOS, directeur projecten): “Vroeger dacht ik dat het een uitzondering was, maar inmiddels zie ik hoe in algemene zin het vertrouwen in overheden en in medemensen weg is. Hoe traumatische spanningen onderdeel zijn geworden van de maatschappij als geheel. Maar in beleid is dat nog niet vertaald”.

Ik ben heel blij als er onder Minister Kaag nu eindelijk serieus Mental Health programma’s op gang komen. Niet alleen voor mensen in vluchtelingenkampen. Niet alleen tegemoetkomend aan de stereotype beelden die we hebben over trauma’s. Juist voor de ‘gewone’ bevolking in Midden-Amerika, Midden-Afrika en elders, valt er zoveel te leren. En niet alleen voor hen… ook in het Westen voelen mensen uit vele geledingen zich in toenemende mate onveilig.
En het geldt ook voor de Nederlanders die Nicaragua goed kennen. Ook onze gevoelens worden weer opgerakeld nu het in Nicaragua zo uit de hand loopt. Hoe gaan wij hiermee om?

Trauma’s leren begrijpen en leren hanteren op een bewuste, toegankelijke, bottom-up manier, maakt dat je door de heftige reacties van jezelf en de ander kunt heen kijken. Dat je kunt leren oplaaiende woede, angst, haat te herkennen zonder erdoor meegesleept te worden in het zoveelste conflict. De vicieuze cirkel van meegesleept worden door heftige reacties, geweld en autoritair leiderschap kan doorbroken worden. Elders en in onszelf.

Soms haal ik het nog wel eens op, de slogan uit de jaren 70: “Suppose they gave a war and nobody came?”. Je kunt erom glimlachen, om die idealistische slogan, maar toch raakt het een kern. We leven in een wereld waarin steeds meer emoties en andere gevoelens aan de oppervlakte komen en een rol spelen in de wereldpolitiek. Het is belangrijk die gevoelens niet te negeren, de logica ervan te doorzien en serieus methoden te leren kennen hoe daarmee om te gaan. Al is het maar omdat die heftige gevoelens misschien wel de kern vormen van crises en conflicten. Niet alleen op persoonlijk vlak, maar ook op politiek, economisch en maatschappelijk gebied.

drs. Sylvia I. Saakes
* Zie mijn boek: De logica van een crisis’ (samenvatting op deze website, homepage onderaan).

Angst of kantelpunt?

De opstand van 19 april 2018 in Nicaragua, wordt het een kantelpunt in de geschiedenis van het land? Een kantelpunt, dat de tweedeling die het land al zovele decennia in haar greep houdt  kan doorbreken? Een sfeertekening op basis van berichten vandaag uit Nicaragua van vrienden en voormalige collega’s.

Is er een kans dat de greep die het Sandinisme op zovele sectoren in het land heeft, wordt aangetast en meer democratisering mogelijk wordt? Er heerst angst in het land, in vele sectoren.  Ook bij de Sandinistas die nog aan de partij gelieerd zijn. Voor hen staat toegeven aan de druk die de opstand teweegbracht, gelijk aan de macht uit handen geven aan de vijanden van de Sandinistische Revolutie ooit. Die allang geen revolutie meer is, maar het land op subtiele en minder subtiele wijzen al decennia lang in een ijzeren greep houdt.

Kan er hoop worden geput uit de kleine, ontkiemende nieuwe sociale bewegingen vanaf onderop, zoals de mensen in de wijken, de beweging van de ‘Autoconvocados’ en die van de ’19 de Abril’ die de vonk waren voor de opstand onlangs? Wie zijn het? Zijn het slechts wat jongeren die nog niets voorstellen op politiek gebied, geen leiders hebben waar we veel van kunnen verwachten? 
Mijn oog valt zojuist op de Volkskrant van 28 april, over Parijs, mei 68. “De leiders van de studenten waren onwaarschijnlijke figuren, voorlieden van splintergroeperingen die niemand leken te vertegenwoordigen”…

Maar er heerst angst in Nicaragua. Angst die weliswaar werd doorbroken op de 19e april en de dagen erop volgend. Zoals de angst nu ook wordt doorbroken door velen, waaronder bekende Sandinistas, die zich scherp uitspreken tegen de moordpartij op de jongeren en tegen de regering. Velen zijn niet meer aan de partij gelieerd. Velen spreken zich nu zeer kritisch uit. Individueel. 
Maar als groep lijken zij niet op te staan tegen Ortega. Omdat er geen alternatief is?

Er heerst angst. Zullen degenen die aanwezig zijn in De Dialoog, waartoe Ortega nu heeft opgeroepen, hun mond open doen? In al deze sectoren zijn vertegenwoordigers van het Frente Sandinista, de partij, sterk aanwezig. 
De bewegingen die aan de basis van de opstand stonden, de 19e de Abril, de Autoconvocados, ze zijn niet aanwezig in de Dialoog. Daar zijn vertegenwoordigers uitgenodigd van de bekende sectoren in Nicaragua: de katholieke kerk, de universitaire wereld, de ondernemers, de vrouwenbeweging en Sociedad civil (de bevolking).

Er heerst angst. Dagelijks wordt de bevolking geconfronteerd met de CLS (Consejo de Liderazgo Sandinista, het vroegere CDS) het oog en oor van de Sandinistische partij van Ortega die alle activiteiten in altijd al iedere straat in de gaten houdt, maar met name nu, en met name de jongeren die het nieuwe doelwit zijn geworden.

Ook de Alianza de Organizaciones Cooperantes, de organisatie van de weinige ontwikkelingswerkers die er nog zijn, spreekt zich kennelijk niet uit. 
Ook daar heerst angst. Als je als organisatie te zeer je mond open doet, dan kan dit het excuus zijn om jou het land uit te gooien.   
Zo ook is de situatie van de buitenlanders die al jaren in Nicaragua wonen. De meesten hebben niet de Nicaraguaanse nationaliteit. Als in hun land van oorsprong een dubbele nationaliteit niet is toegestaan, dan kiezen zij vaak voor hun geboorteland omdat het meer kansen en zekerheid biedt op vele gebieden zoals sociale voorzieningen, gezondheidszorg of anderszins. Er is veel verontwaardiging, maar ook hier heerst angst.

Gisteren was er een demonstratie ter ondersteuning van Ortega. Precies zoals in de tijd dat ik in Nicaragua werkte, werden alle beschikbare bussen ingezet om mensen te brengen naar de demonstratie. Instappen en meedoen is verplichte kost voor degenen die een baan hebben als ambtenaar of anderszins gelieerd aan de regering en partij, waaronder de burgemeesters, de mensen die op ministeries werken, artsen, docenten. Zo niet, dan riskeer je je baan. 
    Dit keer echter kwamen er veel minder mensen opdagen! Normaal zitten de mensen ‘tot op het dak’ en zijn er veel motoren in de stoet aanwezig. Nu waren de bussen veelal haast leeg. Het is een teken. Is het een kantelpunt? 
Wordt er gewacht tot anderen de kastanjes uit het vuur halen en valt men terug in moedeloosheid? Of zit er toch beweging in?

Het doet denken aan de angst van mensen die seksueel of ander misbruik hebben meegemaakt, in de katholieke kerk, de sportwereld en elders. De angst is zo groot, dat degenen die het meemaakten en degenen die het weten, hun mond dichthouden. Tot er een kantelpunt komt. Zoals met de #metoo beweging. De massa telt, het aantal mensen telt. Dat is de steun die individuen nodig hebben om op te staan en hun mond open te doen. Maar de tijd moet ook rijp zijn.

Ik ontvang een bericht vanochtend uit Nicaragua: “De mensen zijn wakker geworden en waren totaal verrast door de kracht die ze hadden”. Een kantelpunt? Of toch niet?

* Drs. Sylvia I. Saakes. Politicoloog (UvA). Werkzaam in Nicaragua van 1987 t/m 1993 voor twee Nicaraguaanse onderzoeksinstituten, het NL’se Ministerie van Buitenlandse Zaken, Novib, SNV en stedenband als deskundige ontwikkelingssamenwerking en genderonderzoek. Schrijfster van drie Spaanstalige boeken, waarvan twee met co-auteurs (‘La Mujer Nicaraguense en los anos 80’, ‘Mujeres en tiempo de guerra’ en ‘La investigación como medio para el empoderamiento de las mujeres’).*

 

Nicaragua – Hoop, ondanks alles?

(vervolg op het blogbericht: Crisis in Nicaragua – april 2018)

In Nicaragua verzamelen grote groepen mensen zich dinsdag 24 april 2018 richting de demonstratie van de COSEP. Het kan alle kanten op. Wordt ook deze demonstratie met veel grof geweld door de regeringstroepen neergeslagen? Zoals in Venezuela, waarmee Ortega veel contact heeft? Blijft het beperkt, als slechts een signaal aan Ortega? Of is het de aanzet tot een nieuwe revolutie, om hem weg te krijgen?  Het oude elan van veel Sandinistas laait weer op. Er is opstand! Er heerst grote afschuw in grote delen van de bevolking! Nu ook de ondernemers zich nu tegen Ortega keren, wordt dit een keerpunt? Zoals ook in 1979 vele groepen in de maatschappij zich verenigden waardoor dictator Somoza uiteindelijk op de vlucht sloeg? Toen echter was er een georganiseerde, militair goed voorbereide strijd tegen de regering. Nu is er sprake van spontane demonstraties van studenten en anderen die ongewapend zijn.

Ik houd mijn hart vast maar de COSEP demonstratie verloopt rustig. De politie of het leger is naar verluid in geen velden of wegen te bekennen, ook de dagen erna niet. Daags erna gaan de winkels  weer open. Het leven herneemt langzamerhand zijn gewone gang van zaken. In de berichten die ik ontvang, proef ik ook desillusie. COSEP heeft weliswaar tot deze demonstratie opgeroepen tegen het geweld en omdat zij niet werden gehoord toen de maatregelen tegen de sociale voorzieningen werden genomen, maar zij vragen niet noodzakelijkerwijs om het vertrek van deze regering. Deze grote, maar vredige demonstratie, is daarvan het resultaat. Voor sommigen is daarmee ook de hoop verdwenen dat de regering ten val wordt gebracht. Ik merk in berichten op dat de  hoop leefde dat leger en politie de kant van de demonstranten zouden kiezen en de opstand zich zou uitbreiden. Soms was dit ook daadwerkelijk het geval, dat de politie de studenten en demonstranten beschermden. Er werd gesproken van een splitsing binnen de politie. Maar van dat al wordt niets meer gehoord. De dagen erop zijn er nog wel demonstraties vanuit verschillende punten in de stad maar zonder dat die nog veel teweegbrengen.
De spanning lijkt gebroken. Ik hoor over hoe uitgeput mensen zijn en lichamelijke klachten hun aandacht vragen. Winkels gaan weer open. Onzekerheid komt op. Want wat is waar? Het ligt allemaal niet heel eenvoudig. De leegroof van de supermarkten, was het vooropgezet door de regering, of niet? De filmpjes die rondgaan waarin te zien is dat dit gebeurt zelfs met medewerking van de politie, zijn ze voorgeprogrammeerd of niet? De Upoli studenten, zijn ze geïnfiltreerd door de UNEN of niet? De UNEN is de algemene studentenvereniging die de regering steunt.
Wat volgt is een kater. En de rouw. Deze dagen zijn een opeenvolging van een mix van vele gevoelens. De eerste dagen overheerste het enthousiasme, de gemeenschappelijkheid en de verbondenheid. Er is hoop op verandering. Toen kwam de angst, de afkeer en de verontwaardiging over het geweld waarmee de demonstranten werden geconfronteerd. En nu is er rouw. En onzekerheid en gelatenheid. Is alles voor niets geweest? Gaan we teug naar AF? Toch lijkt de opstand van deze dagen een keerpunt te zijn, onder meer voor de groep die ik noem ‘gedoogsandinisten’. Ze waren tot nu toe Sandinista, al waren ze al vele jaren niet altijd blij met Ortega, maar een alternatief was er niet. Hun loyaliteit aan het Sandinisme bleef echter bestaan, ondanks alles. Velen hebben hun wortels in de Sandinista tijd, zijn opgegroeid in de Juventud Sandinista, kregen al op jonge leeftijd verantwoordelijkheden in de CDS of in andere organisaties. En nu keren Ortega en de Juventud Sandinista zich tegen zijn eigen ‘zonen en dochters’! Laat hij zijn gewapende krachten schoten afvuren op de zonen en dochters van zijn generatie loyale Sandinistas! Men is in shock. Het voelt als verraad.

En nu, hoe nu verder…? Ortega en Murillo roepen op tot een dialoog. De bisschoppelijke conferentie biedt aan om intermediair te zijn en als getuige in de dialoog te willen optreden. Wie daaraan zou moeten deelnemen is totaal onduidelijk. Veel broeit er. Er is cynisme alom. Hoezo dialoog, na alles wat er is gebeurd? Wie gaan daar dan om de tafel zitten?

Eva meldt dat er in het lijkenhuis van een ziekenhuis in Managua 9 lijken liggen en in het andere 11, maar er zijn vele andere, ook in het land. Na de eerste lijst van 11 doden met naam en toenaam, is de dagen erop al snel sprake van 25, 30 of zelfs 40 doden. Veel vermisten duiken op en worden alsnog in lijkenhuizen aangetroffen. Flor ziet op vrijdag 27 april berichten van het CPDH (Comision Permanente de Derechos Humanos) dat er 61, nee 63 doden zouden zijn. 150 of 200 vooral jongeren zijn gevangen genomen, maar velen hiervan inmiddels vrijgelaten. Vooral minderjarigen zouden ’s nachts heimelijk zijn vrijgelaten uit de gevangenissen.

Te midden van de chaos, verontwaardiging en woede zijn ook enkele opmerkelijk positieve berichten te vinden. Zo gaat er een filmpje rond waarin mensen geroofde spullen van de supermarkt terugbrengen. In de wijken kwamen mensen bijeen om winkels te beschermen tegen leegroof. Zij zijn de geroofde spullen gaan ophalen en terug gaan brengen naar de supermarkten. Er zijn berichten dat mensen daar waar de namaakbomen zijn omvergehaald, nu echte bomen planten. Er zijn groepen die spontaan de rommel opruimten rondom de Upoli en die begonnen de beschadigde gebouwen te repareren.

Ook een ander opmerkelijk fenomeen doet zich voor. Twee nieuwe sociale bewegingen ontstaan deze dagen en doen van zich spreken. Woensdag was er een persconferentie van de ‘Movimiento 19 de Abril’ die op film wordt vastgelegd en wordt gedeeld. Zij brengen hun eisen naar voren, waaronder dat minimaal de mensenrechten geëerbiedigd zullen worden. De beweging bestaat uit studenten van verschillende universiteiten.
Ook is er sprake van de ‘Movimiento de los Autoconvocados’, een beweging uit ‘el pueblo’, het volk, een burgerbeweging van onderop. Deze groepering kwam begin april bijeen rondom de brand in het natuurreservaat IndioMaíz. Deze spontane groep Autoconvodados kregen veel bijval van de bevolking en groeide in korte tijd uit tot een frisse kritische wind. Deze autoconvocados roept associaties bij me op met de ‘Commons’, de sociale beweging van onderop die in de VS, Canada en elders opgang maakt. Zijn dit nieuwe inspirerende bewegingen van onderop, die kunnen uitgroeien tot nieuwe basisbewegingen? Kan door deze heftige situatie langzamerhand nieuwe sociale bewegingen ontstaan, die de passiviteit van jaren onderdrukking van het Frente doorbreekt?

Op 25 april meldt 100%noticias, het Nicaraguaanse nieuwskanaal, dat de Europese Gemeenschap de OEA (Organizacion de Estados Americanos) zou hebben verzocht om onderzoek te doen naar het geweld van de regering Ortega. Volgens hetzelfde internetkanaal eist de politie van families van wie een kind is omgekomen, om een document te ondertekenen dat ze geen aangifte zullen doen tegen de dood van hun jongere. Aan de andere kant is er de eis dat de aanklacht tegen delicten die begaan zijn door studenten en docenten van de UNI zullen vervallen. Kortom, oude tegenstellingen herleven. Kan in deze omstandigheden de dialoog die is aangekondigd ergens toe leiden? Of wordt het de hond in de pot die alle hoop dooft? Valt men terug in oude haat en verwijt?

De crisis kan ook een keerpunt zijn. Met nieuwe initiatieven, zoals de ‘Movimiento 19 de Abril’ en de ‘Movimiento de los Autoconvocados’ die zich kunnen uitbreiden. De komende tijd zal laten zien of de spontane initiatieven in de wijken en onder nieuwe groeperingen incidenteel waren of dat ze de basis kunnen zijn voor hernieuwd enthousiasme en groei. Die de vastgeroeste tegenstellingen kunnen doorbreken en weer het gevoel van verbondenheid, inspiratie en enthousiasme kunnen bewerkstelligen? Zullen er uit deze kleinschalige bewegingen nieuwe, betrokken leiders tevoorschijn komen? Initiatiefnemers, van onderop, uit en in contact met de basis, die zo worden gemist?

   * Drs. Sylvia I. Saakes. Politicoloog (UvA). Werkzaam in Nicaragua van 1987 t/m 1993 voor Ministerie van Buitenlandse Zaken, Novib, SNV en stedenband als deskundige ontwikkelingssamenwerking en genderonderzoek. Schrijfster van drie Spaanstalige boeken, waarvan twee met co-auteurs (‘La Mujer Nicaraguense en los anos 80’, ‘Mujeres en tiempo de guerra’ en ‘La investigación como medio para el empoderamiento de las mujeres’).*

Crisis in Nicaragua – april 2018

Crisis in Nicaragua

Nicaragua, vanaf 19 april 2018. Een heftige periode. Demonstraties worden door de regering Ortega neergeslagen met veel doden, vermisten en chaos tot gevolg. Alsof de burgeroorlog die het land drie decennia geleden doormaakte – ik werkte er van 1987 tot 1993 – nu in een week wordt geperst, met alle oplaaiende emoties, hoop en wanhoop van toen. Een herbeleving, niet alleen voor mij, maar voor velen in Nicaragua. Een politiek overzicht voor wie geïnteresseerd is.

Het is het effect van een snelkookpan, een herbeleving van de Sandinistische Revolutie uit 1979. In dat jaar verjoeg een grote volksopstand dictator Somoza hetgeen internationaal een unicum was dat velen in de gehele wereld begeesterde. Dezelfde comandante, later president, Daniel Ortega die vanaf 1979 aan de macht kwam en ook deze jaren opnieuw het land regeert, is nu echter degene tegen wie het volk zich keert! De jaren van de Sandinistische revolutie van 1979 tot 1990 eindigde in een burgeroorlog met een internationale component: de Sandinistas werden gesteund door de Sovjet Unie en Cuba, terwijl de Verenigde Staten een internationale economische boycot afriepen en de Contra steunden.  Ook na 1990, toen formeel de oorlog was afgelopen, bleef het oorlog. Omdat er zoveel wapens waren, zoveel intense conflicten  plus zoveel juridische en politieke chaos, was de situatie gevaarlijker dan de periode ervoor.

De situatie toen was geheel anders dan nu. Toen waren er nauwelijks communicatiemiddelen. Het was heel bijzonder als je een huis had met telefoon, wat ik had, maar je moest steeds in de gaten houden dat de telefoonmaatschappij je telefoonkabel niet afsloot. Dat deden zij letterlijk, door de straat in te rijden, een ladder te plaatsen en je kabel in de lucht af te sluiten en mee te nemen, om die bij een bevriend iemand of politiek kader aan te sluiten. Mijn buren kwamen me steeds waarschuwen als de telefoonmaatschappij TELCOR wagen de straat in kwam en samen beschermden we onze kabels. Kortom, toen midden in de chaos had je niet of nauwelijks contact met elkaar, je wist niet wat er gebeurde. Op veldwerk en in Esteli waar ik eerder woonde waren er schoten, granaten en mitrailleurgeweld heel dichtbij, maar wat er precies gebeurde dat wisten we vaak niet.

Hoe anders is dat nu, in 2018! Nu is er veel, heel veel informatie dat wordt gedeeld via de social media. Met beelden ook die er niet om liegen. Ik word van uur tot uur geïnformeerd door Eva en Flor en incidenteel door andere dierbaren. Eva, arts, 28, dochter van mijn vriendin Julieta Bendana die mijn collega was en mede-onderzoeker in onderzoeksinstituut ITZTANI. En Flor, mijn collega mede-onderzoeker bij ITZTANI met wie ik heel intense perioden van veldwerk meemaakte en mijn (Spaanstalige) boeken schreef en het onderzoeksinstituut Mujer y Cambio oprichtte samen met twee collega’s. Eva en Flor houden me steeds vele keren per dag op de hoogte wat er gebeurt in Nicaragua sinds de 19e april. Ik ontvang ladingen info en beeldmateriaal via WhatsApp en Facebook. Materiaal dat ik doorstuur aan contactpersonen bij de NOS omdat er in Nederland maar niets verscheen over de bloedige gebeurtenissen. Pas na dagen kwam er een eerste bericht.

Al snel wordt in de pers de indruk gewekt of het om bezuinigingen van sociale voorzieningen zou gaan. Toen Ortega na enkele dagen zwichtte en de bezuinigingen introk, werd aangenomen dat de rust wel weer snel hersteld zou worden. Niets was minder waar. De vlam sloeg in de pan. De vonk voor de huidige opstand waren weliswaar de kortingen op de pensioenen die op 18 april werden aangekondigd, maar de opstand gaat om meer dan dat. Het gaat om breed gedragen protesten tegen een autoritair en corrupt regime, dat al vele jaren geen oor en oog heeft voor wat er onder de bevolking leeft. De studenten namen het voortouw in de protesten, maar vele anderen sluiten zich inmiddels hierbij aan.

Ik krijg verontrustend gruwelijke en bloedige beelden binnen van mensen met gapende schotwonden, mensen die chaotische slachtoffers proberen te reanimeren en aan mensen plukken die al gestorven lijken te zijn. Gewapende knokploegen (het zou gaan om onder meer de Juventud Sandinista, door velen als paramilitairen gezien) vallen de universiteiten binnen. Eva,verzorgde in de medische poli van de UNI op dat moment de gewonden die werden binnengedragen na te zijn beschoten tijdens demonstraties. Toen ook de UNI door gewapende aanvallers werd binnengevallen, kon zij op het nippertje vluchten. De beelden van de achtergebleven medewerkers op de Upoli, schuilend met open deur, terwijl de schoten naderbij komen, spreken boekdelen.
Dit zijn beelden waarvan ik weet dat ze betrouwbaar zijn. Ook andere beelden krijg ik binnen die duidelijk zijn. Op vele plekken worden de ‘arboles de lata’, de kunstbomen, neergehaald of in brand gestoken en krijg ik beelden van ongewapende bevolking op straat, terwijl er schoten klinken van de kant van de zwaarbewapende politie of leger.
Ik krijg ook andere informatie binnen die moeilijker te checken is. In Granada zou het stadhuis in brand zijn gestoken, in Leon verschillende huizen waarin een studentenorganisatie was gehuisvest, vele andere gebouwen in de hoofdstad en elders. In Monimbo, Masaya zou een katholieke kerk in brand zijn gestoken. Over straten in Managua werd zaterdagavond prikkeldraad gespannen en het lichtnet afgesloten, waardoor mensen met diepe beenwonden in het Hospital Bautista werden binnengebracht.
Ik ontvang beelden van een videobericht van een geestelijke in de kathedraal van Managua (‘tetadral’ voor ingewijden) die aangeeft dat de kerk is opengesteld voor mensen die vluchten door het politiegeweld. De dagen erop volgend komen er ooggetuigenverslagen. Op Fb de emotionele getuigenis van een jonge vrouw die werd opgepakt door de politie, zich moest ontkleden, naar voren moest buigen en meer. Flor krijgt het bericht van een vriendin dat haar zoon is vermoord door de politie in de stad Esteli, in het park. De straat waarin ik woonde kwam uit op dit parkje.
Er zijn beelden van hoe markten en supermarkten worden leeggeroofd, onder toeziend oog en hulp van de politie. Er komen berichten voorbij dat drugsverslaafden en anderen hiertoe zijn aangezet en ingezet, zodat de studenten en andere opstandelingen de schuld toegeschoven zullen krijgen. De leegroof van winkels zou het excuus zijn voor hardhandig en gewapend ingrijpen door de overheid. Eva wordt steeds gewaarschuwd door de arts in de medische poli dat ze niet meer moet komen omdat het te gevaarlijk is. Ook op de Upoli, de universiteit, zijn gewapende troepen binnengevallen.

Politie, leger en de knokploegen van de Juventud Sandinista (JS) zijn nadrukkelijk en intimiderend aanwezig ook in de wijken. Flor meldt dat de ME permanent patrouilleert in haar straat, op zoek naar rebelse jongeren. De bewoners worden nauwlettend in de gaten gehouden door de gabinetes (vroeger CDS) van het Frente Sandinista, de partij van Daniel Ortega. Iedereen die het huis en de buurt in- en uitgaat wordt gezien. Wie echter geen handbreed in de weg wordt gelegd zijn de bekende drugsverslaafden en de handelaren uit haar straat. ’s Nachts doet de buurt geen oog dicht omdat de drugsverslaafden en handelaren hoogoplopende ruzies hebben vanwege de spullen die zij opeens in hun bezit hebben.
Markten en supermarkten worden gesloten, waardoor velen op zoek gaan naar voedsel en noodzakelijke medicijnen. Dona Martha gaat iedere dag naar de apotheek om haar medicijnen te halen, maar bericht me dat ze niet weet wat te doen nu alles dicht is.  In de stad staan grote files van mensen op zoek naar winkels of markten die nog wel open zijn. De plekken waar demonstraties zijn en de politie zwaar gewapend aanwezig kunnen worden vermeden.
Er circuleert een eerste lijst met 11 doden met naam en toenaam waaronder de zoon van Flor’s vriendin in Esteli. De dagen erop zijn er berichten van minstens 25 doden. Moeders zijn op zoek naar zonen en dochters die vermist zijn. Een ingesproken bericht op WhatsApp gaat rond dat zij naar La Modelo zijn gebracht, de gevangenis in Tipitapa, waar 120 jongeren zouden zijn opgesloten zijn in Galeria 3. In Bluefields wordt de journalist Angel Gahona vermoord terwijl hij een rapportage maakte. Dat lijkt het sein te zijn voor de Nederlandse pers dat er toch wel wat aan de hand is. Op de journaals wordt er bericht over demonstraties in Nicaragua, in Nieuwsuur interviewt Twan Huys een Nicaraguaanse journaliste.

Uit de chaos ontstaan opmerkelijke initiatieven. In een open brief doet de rector van de UAM, Universidad Americano in Managua, een dringend beroep op de regering om te stoppen met het geweld tegen ongewapende studenten en burgers. Hij verdedigt zijn studenten. Zijn brief met details onderschrijft veel van de berichten die ik heb ontvangen. Een bekend ondernemer begeeft zich onder de demonstranten en toont zijn solidariteit met de studenten. Paus Franciscus zou zich hebben uitgesproken tegen het geweld, de kerken vangen mensen op, ondernemers spreken zich uit. De bevolking, bedrijven en de katholieke kerk geven aan dat de maat vol is. Het gaat allang niet meer om de pensioenen die de eerste aanleiding waren voor de demonstraties, zij spreken hun afschuw uit over het gewelddadig optreden. De truc om de studenten en andere demonstranten de schuld te geven van de leegroof van winkels lijkt niet gelukt. Ook de grote ondernemers van de Tax Free Zone spreken voorzichtig en omstandig hun bezorgdheid uit. Dit gebeurt bij het eerste openbare optreden van Daniel Ortega nadat dagenlang niets van hem is vernomen. In een lang programma op alle tv-kanalen, praat Ortega veel maar geeft geen enkele hoop dat hij van plan is iets te veranderen. Slechts dat hij de ‘orde zal gaan herstellen’. Dat voorspelt niet veel goeds…

De dag hierop, op dinsdag 24 april organiseert de COSEP een grote demonstratie. De COSEP is de organisatie van ondernemers, die door (voormalige) Sandinistas met veel wantrouwen wordt bekeken. Zij zijn bondgenoten van Ortega, maar nu in toenemende mate kritisch. Via WhatsApp gaat de oproep rond aan een ieder om zich – ondanks de onderlinge politieke verschillen – toch bij deze demonstratie toch aan te sluiten. Ik houd mijn hart vast. Flor, haar zoon, Eva met vrienden, gaan. Het is erop of eronder. Geeft Ortega zijn troepen de opdracht te schieten? Lees mijn komende blogbericht. Ook over nieuwe verrassende initiatieven die bovenkomen in deze crisis!

Drs. Sylvia I. Saakes. Politicoloog (UvA). Werkzaam in Nicaragua van 1987 t/m 1993 voor Ministerie van Buitenlandse Zaken, Novib, SNV en stedenband als deskundige ontwikkelingssamenwerking en genderonderzoek. Schrijfster van drie boeken, twee met co-auteurs (‘La Mujer Nicaraguense en los anos 80’, ‘Mujeres en tiempo de guerra’ en ‘La investigación como medio para el empoderamiento de las mujeres’).